Eieren

eieren-43Een redelijk aantal eieren (tot 3 eieren per week) eten past wel in een evenwichtig eetpatroon. Eieren hebben immers vele troeven: ze leveren vitaminen en mineralen alsook eiwitten van hoogwaardige biologische kwaliteit. De caloriewaarde van een ei is hoofdzakelijk afkomstig van de vetten. Die zitten uitsluitend in het eigeel.

  • Het eigeel, eierdooier of dooier is het gele gedeelte van de binnenkant van een ei. Het eigeel bevat een aanzienlijke hoeveelheid vet (in tegenstelling tot het eiwit); het aanwezige vet is hoofdzakelijk onverzadigd. Het eigeel bevat vitamine A, B, D, E en K. Het is een van de weinige voedingsmiddelen die van nature vitamine D bevatten. Een groot eigeel bevat ongeveer 225 kilojoule, het eiwit bevat ongeveer 63 kilojoule. Een groot eigeel bevat meer dan twee derde van de dagelijks aanbevolen hoeveelheid van 300 mg cholesterol. Het eigeel is verantwoordelijk voor ongeveer een derde van het gewicht van het ei. Het bevat bijna de helft van de proteïne. Als een ei te gaar gekookt wordt, verschijnt er soms een groenachtige ring rond het eigeel. Dit is het resultaat van ijzer- en zwavelsamenstellingen in het ei. Het kan ook voorkomen wanneer er veel ijzer in het kokende water zit. De groene ring beïnvloedt noch smaak noch de samenstelling. De kleur van het eigeel hangt van het dieet van de kip af. Boeren kunnen natuurlijk pigment toevoegen om de eigeel-kleur te manipuleren, maar kunstmatige pigmenten zijn verboden. Sommige kippen leggen wel eens een ei met twee eigelen. Ook is het mogelijk dat een ei geen eigeel bevat; dit gebeurt vooral bij jonge kippen.
  • Eiwit is een heldere vloeistof die in vogeleieren zit. Eiwit wordt vaak in de keuken gebruikt. Veelal wordt het bij het koken gescheiden van het eigeel. De naam dankt eiwit aan de kleur die het krijgt als het wordt verhit. Bij gebruik van onverhitte producten met eiwit bestaat de kans op een salmonellabesmetting. Eiwit kan tot schuim worden geklopt. Dan zal al het gereedschap vetvrij moeten zijn. Een klein snufje zout of wijnsteen helpt om het eiwit goed stijf te krijgen en het dient dan als basis voor schuimgebak, schuimpjes, marshmellows, negerzoenen …

Gekookte, gepocheerde en geroerde eieren, spiegeleieren en omeletten zijn onmisbaar in eender welke keuken. Eieren zijn heel veelzijdig en kunnen zowel voor zoute als zoete schotels worden gebruikt. Het eiwit is vloeibaar en doorschijnend wit van kleur en omhult het ronde en bleekgele eigeel. Hoe verser een ei is, hoe feller de kleur van het eigeel en hoe steviger het wit.
Je vindt in de handel eieren van kippen die gehouden worden in batterijen, in open lucht of met loopruimte in een gebouw. Het type van teelt beïnvloedt de voedingswaardekwaliteit en de smaak van het ei. Een ei wordt in de koelkast op een temperatuur van 4°C enkele dagen tot enkele weken bewaard. De houdbaarheidsdatum (“Te consumeren voor…”) staat op de verpakking of op de schaal.
Opgelet: je mag eieren niet wassen omdat je daarmee mogelijk de fijne laag vernietigt die ze tegen microben bescherm.
Om de versheid van een ei te testen, kun je het in een bokaal met koud zoutwater laten vallen. Als het ei zinkt, mag u het gebruiken. Als het naar de oppervlakte komt en blijft drijven, moet u het weggooien.
Eieren mogen eenmaal per week vlees vervangen en hun eiwitten van goede kwaliteit aanvoeren. Bovendien zijn eieren relatief goedkoop in vergelijking met vlees, dat duurder is.
SOORTEN EIEREN:

  • Naar kwaliteit
  • Eieren die in doosjes van 4, 6 of 12 aan de consument aangeboden worden, zijn steeds eieren van klasse A of verse eieren van onberispelijke kwaliteit. Deze kwaliteitsklasse is de enige die rechtstreeks aan de consument verkocht wordt. Klasse B of eieren van 2e kwaliteit worden in de industrie verder verwerkt.
  • Naar grootte
  • Op 1 juli 1997 werden in heel Europa dezelfde vier gewichtsklassen ingevoerd:
  • XL (extra large of zeer grote eieren, meer dan 73 gr)
  • L (large of grote eieren, tussen 63 en 73 gr)
  • M (medium of middelgrote, tussen 53 en 63 gr)
  • S (small of kleine eieren, minder dan 53 gr)
  • Naar leefvoorwaarden van de leghennen
  • Kooieieren: kooi-eieren worden gelegd in kooisystemen, bij consumenten beter bekend als legbatterijen. De legkippen hebben hier de minste bewegingsruimte in vergelijking met andere systemen. In 2012 zijn kooisystemen vervangen door koloniehuisvesting. Dat zijn kooien die meer ruimte bieden dan kooisystemen.
  • Scharreleieren: scharreleieren worden gelegd door legkippen die in schuren leven. Deze schuren zijn voorzien van legnesten, zitstokken, daglicht door ruiten. Ook ligt strooisel op de vloer. De legkippen kunnen vrij scharrelen en zoeken naar het rondgestrooide voedsel. Ze leggen hun scharreleieren in eigen nesten. Per vierkante meter lopen er negen leghennen.
  • Vrije uitloopeieren: vrije uitloop eieren komen van legkippen die buiten kunnen scharrelen. Ze hebben hier een grondoppervlak van zeker 2,5 vierkante meter per legkip. Verder zijn de situatie binnen en de eisen aan het welzijn vergelijkbaar met die van scharrelkippen.
  • Bio-eieren: biologisch eieren worden gelegd door een legkip die volgens de voorschriften van de biologische landbouw gehouden wordt. Deze kippen krijgen biologisch voer, hebben veel plek en natuurlijk licht in hun stallen. Ze moeten overdag naar buiten kunnen.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s