A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
C
cl
Afkorting van volume-eenheid centiliter: 100 cl is 1 liter
Caillette
Ballen saucijzenvlees, in varkensnet, iets platgedrukt, gebraden.
Caisse
Bakje, doosje, van papier, porselein of van deeg met een ijzer in frituur gebakken. Kistje.
Canapé
Een canapé is een sneetje brood dat ontkorst is en in een mooie vorm uitgesneden. Het stukje brood kunt u dan beleggen met plakjes vlees, garnalen, gerookte zalm of besmeren met samengestelde boters. Het verschil met een sandwich is dat een canapé nooit dubbel wordt geserveerd. Canapés maakt u best zo kort mogelijk voor het opdienen klaar, anders drogen ze uit.
Canderen
Producten voorzien van een dun laagje suiker of stroop.
Candy cane
Candy Cane is een soort zuurstokje in de vorm van een wandelstok, meestal rood-wit gestreept en het smaakt naar pepermunt.
Cannelée
Gegroefd, gekarteld, geplooid.
Canneleren
Canneleren is het inkerven of uitsnijden van sierlijke sneden (ribbelpatroon) in de buitenkant (de schil) van groenten (radijs, champignons, komkommers, wortelen…), aardappelen en fruit (appelen, peren, citroenen…). Er zijn speciale driehoekige canneleermesjes voor.
Cannelloni
Cannelloni is een Italiaans pastagerecht. Het gerecht bestaat uit buisjes pasta gevuld met gehakt. Meestal wordt de pasta daarna met tomatensaus bedekt en gegratineerd.
Carcasse
Karkas, romp. Schaal van krab en kreeft heet ook kàrkas, maar als vakterm is coffre en carapace meer in gebruik. Bast is onjuist.
Carbonate
Soda Fr. de soude.
Carobe
Carobe is een vervangingsproduct voor cacao, afkomstig van de peulen van de johannesbroodboom. U kunt het gebruiken bij het maken van koek en gebak. Omdat het niet zo aromatisch is als cacao, is het aangeraden carobe te combineren met kaneel of munt. Carobe bevat tannine, maar geen cafeïne.
Carpaccio
Oorspronkelijk is het een koud voorgerecht uit de Italiaanse keuken, met name zeer fijngesneden plakjes rauw runderfilet. Tegenwoordig gebruikt men het ook als aanduiding voor het in zeer dunne plakjes snijden van groente, vis of vlees.
Carré
Het in vierkant stuk snijden van vlees, gebak, enz…
Casserole
Braadpan met deksel.
Cassolette
Kleine bakjes van aardewerk of porcelein.
Cassonade
Spaans woord voor gewone bruine basterd. Die van rietsuiker is de beste, ze heeft een rumgeur.
Castric
Spaans woord voor gewone bruine basterd. Die van rietsuiker is de beste, ze heeft een rumgeur.
Cayenne
Lange, gemalen droge peper, Chillies,(uit Cayenne) heet ook piment enragé, kortweg piment.
Cédrat, cédre
Sukade. Kleine muskuscitroen met een zeer geurige schil.
Cépe
Bruine boleet.Prima paddenstoel.Hoed bruin,met buisjes,dus niet met plaatjes(lamellen) onder de hoed. Conserve; Cèpes dè Souillac.
Cerner
Uithollen. Ook inkerven van het deeg,bijv. voor plaat- en stokbrood.
Chapati
Een chapati is een kleine platte koek uit de Indiase keuken die als bijgerecht bij verschillende schotels geserveerd wordt. Het beslag wordt gemaakt van meel, vetstof en melk.
Chapelure
gedroogd fijngewreven en gezeefd paneermeel.
Charlotte
Een charlotte is een dessert waarbij een luchtige crème gestort wordt in een vorm bekleed met koekjes. De klassieke charlotte is de appelcharlotte.
Chartreren
Soms castreren genoemd. Het wegnemen van een kleine darm bij kreeft en rivierkreeft, die onderaan in het midden van de staart uitkomt. In paringstijd veroorzaakt dat darmpje een bittere smaak bij.
Chartreuse
Bekervorm voor een chartreuse-gerecht. Beroemde likeur van de, Karthuizer Paters in Frankrijk. (Grande-chartreuse bij Grenoble) ook in Spanje.
Chaud-froid
warme bereiding van gevogelte of wild, doch koud geserveerd.
Chauffer
verwarmen.
Chausse
Filtreerdoek, voor geleien, stropen, bouillons, enz.
Chemise
Hemd. Dunne laag farce, gelei, enz. aangebracht in een vorm die gevuld zal worden. Ook: schil.
Chemiseren
Overtrekken (van buiten), bekleden (van binnen) met een laagje farce, gelei, bardes, spek, enz.
Cheval à
Dakpansgewijs bedekken met een spiegelei.
Chaveler
Biefstukjes, tranches vlees, schijven worst, escalopes van kreeft, appelschijven, enz. zodanig schikken, dat de ene’ telkens even op de andere steunt. à cheval dakpansgewijs.’.
Chianti
Chianti is een Toscaanse rode wijn die meestal jong gedronken wordt.
Chiffonade
Het resultaat van het in fijne slierten snijden van bladgroenten en kruiden noemt men chiffonade.
Chinois
Fijnmazige, conische zeef waar ingrediënten met een (houten) lepel doorheen worden geduwd. Vooral gebruikt voor het zeven van sauzen.
Chinoise
De term ‘chinoise’ slaat op het snijden van ingrediënten (vaak zijn dit groenten en fruit) in ruitjesvormpjes. Deze techniek wordt vaak toegepast in de Chinese keuken.
Chinoiseren
is een mengsel door een puntzeef gieten om kleine ongeregeldheden (restjes kruiden), klontertjes, enz. uit de vloeistof te verwijderen.
Chorizo
Sterk gekruid Spaans worstje.
Choronsaus
Choronsaus is een bearnaisesaus gemengd met tomatenpuree.
Churros
Churros zijn Spaanse gefrituurde deegstengels, met poedersuiker en kaneel bestrooid.
Chutney
Een chutney is een zoetzuur bijgerecht van vruchten, groenten of een combinatie van beide. Het wordt meestal bij koude gerechten geserveerd. Klassieke ingrediënten zijn mango, ananas, tomaat of ui.
Ciabatta
Ciabatta is een Noord-Italiaans brood met een langwerpige, platte vorm. Het brood is luchtig en heeft een speciale verfijnde smaak door de olijfolie in het deeg.
Ciseleren
Ciseleren is het in fijn reepjes snijden van (blad)groenten en kruiden. Leg hiervoor een aantal bladeren van groenten of kruiden op elkaar, rol ze op tot een sigaar en snij ze dan overlangs in zeer fijne reepjes. Het resultaat noemt men in de klassieke keuken ‘chiffonade’.
Citronner
besprenkelen met citroensap, inwrijven met citroen om verkleuring tegen te gaan.
Civet
Bruine ragoût,”peper”, voornamelijk van haarwild.en grof wild.
Clafoutis
Een clafoutis is oorspronkelijk een dessert gemaakt van zwarte kersen bedekt met een laagje flensjesbeslag en gebakken in de oven. Het vruchtentaartje is echter ook heerlijk met abrikozen, pruimen en rode bessen. U serveert het lauw met een laagje poedersuiker.
Clarifiëren
zie ‘Klaren’.
Cloche
Stolp, klein tot zeer groot, van zilver, zilmeta, zilvia, enz.; soms gebruikt,bij een bereidingsmanier, bijv. “champignons sous cloche” maar overigens altijd ( voor het warm houden van gerechten).
Cocotte
Vuurvast schaaltje, hoge vuurvaste pot met goed sluitende deksel (dikwijls van vertind koper of zilver).
Coeur
Hard binnenste, beste deel. En coeur, hartvormig, ook langwerpig ovaal.
Colle
Hulp-bindmiddel. Colleren, binden van een saus.
Colorer
Toevoegen van kleurmiddel.
Completeren
Afmaken van een saus, soep, schotel enz.
Compositie
Mengsel massa, samenstelling.
Compote
Een ingekookt vruchtenmengsel, vaak met suikersiroop en specerijen of likeur.
Concassée
In stukjes snijden, vermalen, fijn stampen, grof maken.
Concasseren
Het in (grove) stukken/blokjes hakken of snijden van bijvoorbeeld tomaten.
Condé-massa
Pralinmassa, 1 deel hazelnoot, 1 deel amandel, 2 delen suiker.
Condimenter
Met specerijen kruiden.
Conserver
bewaren van groenten, vlees, …
Consommé
een krachtige glasheldere bouillon of fond, verkregen door de bouillon te klaren.
Contiseren
Decoratief aanbrengen van kostbare ingrediënten in bijvoorbeeld vlees of gevogelte. Stukjes truffel in foie gras bijvoorbeeld, of kaviaar op oesters.
Copeau
Schaafkrul; krul, spaander, van aardappelen, enz.
Coquille
schelp van oester, mossel vb Coquille St. Jacques.
Corail
Zacht, oranjerood merg uit kopstuk van kreeft en langouste.
Cornet
Puntig hoorntje van papier om versieringen te spuiten.
Corps
Hoe licht of zwaar een wijn aanvoelt in de mond, bepaald door alcohol en extracten. Om te bepalen of een wijn licht, halfgecorseerd of gecorseerd (zwaar, vol en stevig, robuust) is, kunt u hem vergelijken met water.
Corseren
Verbeteren v.d. sappigheid van een bouillon, jus, saus, door bijvoeging of door indikken. – Ordelijk leggen van meringue, soezen, quenelles, enz. ( Men zegt: pastilles, meringues coucheren).
Couche
zoutdeksel.
Coucher
Ordelijk leggen van meringue, soezen, quenelles, enz. Bv. Merengues, pastilles coucheren.
Couenne
Varkensvel- huid, zwoerd.
Coulibiac
Ook Koulibiac, een warme pastei meestal van vis of gevogelte.
Coulis
is een vloeibare puree, een vrij dikke saus. Deze saus kan bereidt zijn van vlees, vis, gevogelte, groenten en fruit. Het bereiden van een coulis is zeer eenvoudig: men neemt het bestanddeel waarvan de coulis gewenst wordt en pureert dit in een keukenmachine, met een staafmixer of men draait het door een passe-vite of roerzeef. Vaak wordt een coulis niet of slechts zeer beperkt op smaak gebracht met andere ingrediënten. Men onderscheid zoete en hartige coulis. Een zoete coulis wordt gemaakt van verse (rauwe of gekookte) vruchten of vruchten uit blik (in eigen nat) en op smaak gebracht met suiker (ook vruchtensaus genoemd) en gebruikt over desserten: zoals een frambozencoulis met ijs of over gestoofde appelen genappeerd, een flan met een coulis van rode vruchten of in combinatie met panna cotta. Hartige coulis wordt vooral gebruikt over vlees, vis of groenten. Een coulis kan ook dienen als basis voor een soep.
Coupée
Gesneden (bijv. gevogelte -of wild). Afhakken. Couperen.
Couper
snijden.
Couperet
Hakmes van dun staal (Feuille à hacher).
Couronne
Krans, kring, kroon (en couronne).
Court-bouillon
is een geurige, kruidige, gearomatiseerde bouillon die gemaakt is door groenten, kruiden en (soms) viskoppen en -graten zachtjes te laten trekken in water waaraan een scheutje wijn, azijn of citroensap wordt toegevoegd. Dit type bouillon wordt o.a. gebruikt voor de bereiding van vis en schaal- en schelpdieren.
Couscous
Couscous is een traditioneel gerecht uit Noord-Afrika op basis van grof gemalen griesmeel en bouillon. Overige mogelijke ingrediënten zijn schapenvlees, vis, kikkererwten, tuinbonen, aubergines en doperwtjes. Het is niet moeilijk couscous te maken, maar zorg steeds voor een goede kwaliteit van het griesmeel en kruiden.
Crème anglaise
of Engelse room : is een vanillesaus op basis van melk en eigeel, die je koud of warm kunt serveren.
Crépine
Vetnet, darmnet bij varkens. O.a. gebruikt als omwikkeling van fijn gehakt (crépinettes) enz.
Crépinette
Varkensnet of crépinette is het buikvlies (peritoneum) van het varken. Het is een met vet doorregen vlies, dat uitstekend geschikt is om gemalen vlees bijeen te houden tijdens het braden. En het leuke is dat je het daarna gewoon opeet. Er worden onder meer worsten mee gemaakt. In België en Nederland is het niet erg bekend, behalve in de betere restaurants. In Frankrijk is het de normaalste zaak van de wereld. Varkensnet heeft geen of nauwelijks smaak (wel even spoelen in koud water vóór gebruik), maar geeft een prachtig effect aan tal van leuke gerechten.
Cresson
Bladgroente waarvan de blaadjes en steeltjes als garnering dienen. Er is Sterkers, Waterkers, Winterkers. Worden soms ook gestoofd.
Cromesquis
Een bepaalde vorm van kroket, in beslag gedompeld en in frituur gebakken.
Croquant
Knappend met korstje.
Croustade
Korst (voor vulling met een of ander garnituur of vruchten enz.). Ook wel gemaakt van aardappelpurée.
Croustillant
Met een korst.(je). Ook croquant.
Croûtonneren
Rondom een schotel ‘n rand van schijven gelei enz.leggen, in de vorm van ruiten, vierkanten, driehoeken./em>
Croûtons
zijn stukjes brood dat in boter of olie gebakken of in de oven geroosterd zijn. Croutons zijn lekker bij salades en in soepen. Je kunt de stukjes brood in allerlei vormen snijden, zoals dobbelsteentjes, hartjes, maantjes,….
Crudité’s
Salades van rauwe groenten.
Cuire
Gaar maken; koken; gaar worden in het algemeen. Cuisson. I. het gaar maken of koken. 2. Kooknat; het nat waarin grondstof behandeld wordt of is.
Cuisse
Dij, van haas, konijn, gans, kalkoen enz.
Cuisson
Cuisson betekent de manier waarop een stuk vlees of vis is bereid.
Curry
Curry is de naam voor een Aziatisch gerecht waarin een specerijenmengsel op basis van kerrie gebruikt wordt.
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Heb je nog een keukentaal of een aanvulling/verbetering van een bestaande keukentaal, stuur ze door en ze worden hier opgenomen!