Een worstenbroodje is een broodje van brood- of bladerdeeg, waarin 1 of 2 worsten verwerkt zijn, wordt doorgaans warm gegeten en traditioneel geserveerd, al dan niet samen met een appelbol, op “Verloren maandag”.
“Verloren maandag” is een Vlaamse traditie, vooral terug te vinden in de provincie Antwerpen.
Datum en herkomst zijn niet echt helder, er zijn verschillende verhalen. Strikt genomen valt “Verloren maandag” op de eerste maandag na de eerste zondag na Driekoningen (welke op 6 janauri valt): dit wil zeggen als Driekoningen op een maandag, dinsdag, woensdag, donderdag, vrijdag of zaterdag valt, vieren we Verloren Maandag op de eerstvolgende maandag. Maar valt Driekoningen op een zondag, dan wordt de Verloren Maandag pas 8 dagen later gevierd.
Maar de meeste mensen vieren deze dag toch op de eerste maandag na Driekoningen.
Meer informatie over deze Verloren Maandag -> www.tuttel.com en www.s-u.be.
Worstenbroodjes kunnen natuurlijk, buiten Verloren Maandag, ook genuttigd worden tijdens de rest van de koude wintermaanden.
| Recept voor | 4 personen | Keuken | België/Antwerpen | Bereiding | Warm of koud |
Ingrediënten:
- 500 gr bladerdeeg, kant-en-klaar in plakjes of rol (vers of diepvries)
- 500 gr gehakt, naar keuze al dan niet gemengd (zie kooktip 1)
- 2 eieren
- 5 el broodkruim
- nootmuskaat
- versgemalen zwarte peper en zeezout
Bereidingswijze:
- Meng gehakt met een ei en het, al dan niet in melk gedrenkt en uitgekneden, broodkruim en maak het geheel op smaak met peper, zout en nootmuskaat (zie kooktip 2).
- Blijf het geheel met de hand kneden totdat het een compacte massa is en alles goed gemengd is.
- Verdeel, met vochtige handen, het gehaktmengsel in acht gelijke balletjes en vorm er daarna 8 kleine worstjes van, 12 à 15 cm lang.
- Rol het bladerdeeg uit in een plak van een 1/2 cm dik en snijd er 8 vierkantjes uit, van 12 à 15 cm groot.
- Leg op elk uiteinde van een deegplakje een worstje (zie kooktip 3), rol vervolgens het deeg zeer los rond de worst. Druk even aan met de deegoverlapping aan de onderkant.
- Klop het tweede ei los en bestrijk er de bovenkant van elk broodje mee.
- Zet de worstenbroodjes een uurtje in de koelkast om op te stijven.
- Haal uit de koelkast en plaats de worstenbroodjes op een beboterde bakplaat.
- Bak de broodjes in een op 200°C voorverwarmde oven in 20 à 25 minuten goudbruin en gaar (de baktijd hangt af van de dikte van het deeg en de worstjes).
Serveertips:
- Serveer warm (zie kooktip 4) of koud.
Kooktips:
- Geen zin in het klaar maken van gehakt, gebruik dan gewoon curryworsten (frikandellen) of braadworsten (naar keuze): voor dit laatste knijp men het gehaktmengsel van de worst uit de darm. Werk verder af zoals hierboven beschreven vanaf bereidingswijze, punt 3.
- Men kan het eventueel nog verder op smaak brengen met fijngesnipperde sjalotjes en/of verse kruiden, zoals peterselie, bieslook, baslicum,… of andere specerijnen.
- Men kan ook dubbel worstenbroodjes maken: leg hiervoor twee worstjes aan de uiteinden van een deegplakje en rol naar het midden toe.
- Men kan de worstenbroodjes op voorhand klaar maken, laten afoelen en later terug opwarmen: plaats het worstenbrood hiervoor even in een warme oven of als het ietje sneller moet gaan in een microgolfoven.